MKB Juristen stelt juridische documenten op maat op
Het beste is om belangrijke contracten, algemene voorwaarden en andere juridische documenten niet zelf te knutselen of te kopiëren. Wij helpen ondernemers budgetvriendelijk met juridisch maatwerk, vooraf duidelijke kosten en praktische uitleg.
- Contracten, voorwaarden en juridische documenten op maat
- Budgetvriendelijk en vooraf duidelijk over de kosten
- Gratis adviesgesprek of vrijblijvend een offerte aanvragen
Een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting (FE Vpb) voegt moedermaatschappij en dochter(s) samen tot één belastingplichtige (art. 15 Wet Vpb). Voordeel: winsten en verliezen verrekenen onderling, intercompany-transacties zonder fiscale gevolgen, één Vpb-aangifte. Vereist een 95%-belang en aanvraag bij de Belastingdienst. Bij verbreking: aangifte plus eventuele compartimentering. Hieronder: voorwaarden, voor- en nadelen, hoe je hem aanvraagt — en wat Karim’s accountant op een rij zet voordat de holding een nieuwe werkmaatschappij erbij krijgt.
Het korte antwoord
- Wat: moeder en dochter(s) fiscaal samengevoegd tot één Vpb-plichtige.
- Voorwaarde: moeder bezit minstens 95% van geplaatste aandelenkapitaal.
- Wetsbasis: art. 15 Wet Vpb.
- Voordeel: verliesverrekening tussen BV’s, intercompany onbelast.
- Aanvragen: gezamenlijk verzoek bij Belastingdienst, ingangsdatum naar keuze.
Wat is een fiscale eenheid?
Voor fiscale doeleinden behandelt de Belastingdienst moedermaatschappij en dochter(s) alsof het één onderneming is. Praktisch:
- Eén gezamenlijke Vpb-aangifte.
- Winsten en verliezen kunnen onderling worden verrekend.
- Intercompany-transacties (binnen de eenheid) zonder fiscale gevolgen.
- Aanvraag goedgekeurd door Belastingdienst — niet automatisch.
Civielrechtelijk blijven de BV’s gescheiden — eigen rechtspersoonlijkheid, eigen bestuur, eigen jaarrekening. Fiscaal: één.
Voorwaarden
Voor toepassing (art. 15 Wet Vpb):
- Moedermaatschappij: BV, NV of vergelijkbare buitenlandse vennootschap, in Nederland gevestigd.
- 95%-belang: moeder bezit minstens 95% van geplaatst en gestort kapitaal én de stemrechten.
- Gevestigd in NL: alle BV’s binnen de eenheid moeten in Nederland gevestigd zijn (sinds Papillon-arrest mag ook EU-dochter onder voorwaarden meedoen via X-BV in NL).
- Zelfde boekjaar: alle BV’s hebben hetzelfde boekjaar.
- Zelfde regime: geen vrijgestelde of bijzondere regimes.
- Gezamenlijk verzoek: ingediend door alle betrokken vennootschappen.
Voordelen
1. Verliesverrekening
Verlies bij dochter kan direct worden verrekend met winst bij moeder (of andere dochter). Zonder fiscale eenheid: verlies alleen binnen dezelfde BV verrekenbaar (1 jaar carry-back, onbeperkt carry-forward).
Voorbeeld: holding maakt € 100.000 winst, dochter € 50.000 verlies. Met FE: netto € 50.000 belastbaar. Zonder FE: dochter heeft verlies dat later moet worden verrekend.
2. Intercompany onbelast
Transacties tussen BV’s binnen de eenheid worden fiscaal weggedacht. Geen Vpb over interne winsten — pand verkopen tussen BV’s bv. zonder afrekening.
3. Eén aangifte
Administratief eenvoudiger: één Vpb-aangifte voor alle BV’s binnen de eenheid.
Nadelen
1. Hoofdelijke aansprakelijkheid
Elke BV binnen de eenheid is hoofdelijk aansprakelijk voor de Vpb-schuld van de eenheid (art. 39 IW). Bij faillissement van één: de andere BV’s moeten alsnog Vpb-schuld dragen.
2. Beperkte tariefstoepassing
Het lage Vpb-tarief van 19% geldt over de eerste € 200.000 van de eenheid (niet per BV). Bij meerdere BV’s met elk eigen winst: opdelen helpt niet meer.
3. Geen deelnemingsvrijstelling intercompany
Binnen de eenheid is deelnemingsvrijstelling overbodig — werkt niet. Bij verbreking: terugkeer naar deelnemingsvrijstelling-regime kan complicaties geven.
4. Compartimentering bij verbreking
Bij verbreken: stille reserves en goodwill moeten worden gecompartimenteerd. Administratie wordt complex.
Aanvragen
Stappen:
- Gezamenlijk verzoek door alle BV’s, ondertekend door bestuurders.
- Ingangsdatum kiezen — meestal begin boekjaar, met terugwerkende kracht tot 3 maanden mogelijk.
- Belastingdienst beoordeelt en geeft beschikking.
- Vanaf ingangsdatum: één Vpb-aangifte voor de eenheid.
Verbreking
Een fiscale eenheid eindigt:
- Bij gezamenlijk verzoek tot verbreken.
- Bij verlies van 95%-belang (bv. verkoop dochter).
- Bij ontbinding of liquidatie van een BV.
- Bij wijziging van fiscaal regime.
Aandachtspunten bij verbreking:
- Melding aan Belastingdienst verplicht — vergeten kan tot naheffing leiden.
- Compartimentering van stille reserves en goodwill.
- Mogelijke afrekening bij verkoop dochter.
- Aangifte over deelbjaren.
Karim’s holdingstructuur
Karim’s holding bezit 100% van werkmaatschappij. Eerste 3 jaar: dochter draait verlies, holding heeft passieve beleggingsopbrengsten. Met FE Vpb: holding kan de € 80.000 verlies van dochter direct verrekenen met € 50.000 winst van holding. Zonder FE: dochter accumuleert verlies; holding betaalt Vpb over € 50.000.
Vanaf jaar 4: dochter winstgevend. FE blijft zinvol voor administratie en intercompany-transacties. Bij verkoop dochter: verbreking met compartimentering — laat fiscalist tijdig vooruit plannen.
Eerlijke aanbeveling
Voor mkb-bv’s met holding + werkmaatschappij is FE Vpb vrijwel altijd voordelig — verliesverrekening en eenvoud van administratie. Nadeel hoofdelijke aansprakelijkheid weegt op tegen voordelen. Verbreking en wijzigingen: tijdig melden en compartimentering plannen. Laat aanvraag en jaarlijkse aangifte door fiscalist met Vpb-ervaring doen — kleine fouten kosten veel.
Voor andere onderwerpen: Vpb-aangifte, deelnemingsvrijstelling en fiscale eenheid BTW.
Veelgestelde vragen
Moedermaatschappij en dochter(s) worden fiscaal behandeld als één belastingplichtige (art. 15 Wet Vpb). Voordelen: verliesverrekening tussen BV’s, intercompany-transacties onbelast, één gezamenlijke Vpb-aangifte.
Moeder moet ten minste 95% van geplaatst en gestort kapitaal én stemrechten van de dochter bezitten. Onder de 95%: geen fiscale eenheid mogelijk. Sinds Papillon-arrest mag EU-dochter onder voorwaarden meedoen via NL-tussen-BV.
Gezamenlijk verzoek door alle betrokken BV’s bij Belastingdienst, met gewenste ingangsdatum (terugwerkende kracht tot 3 maanden mogelijk). Belastingdienst beoordeelt en geeft beschikking. Vanaf ingangsdatum: één Vpb-aangifte.
Hoofdelijke aansprakelijkheid voor Vpb-schuld (art. 39 IW), beperkte tariefstoepassing (laag tarief 19% over € 200.000 voor hele eenheid), compartimentering bij verbreking, en deelnemingsvrijstelling werkt niet binnen de eenheid.
Bij gezamenlijk verzoek, verlies van 95%-belang (verkoop dochter), ontbinding of liquidatie van een BV, of wijziging van fiscaal regime. Verbreking moet aan Belastingdienst worden gemeld — vergeten leidt tot naheffing.
Bij verbreking moeten stille reserves en goodwill worden geïdentificeerd en gealloceerd aan de juiste BV — voor latere Vpb-aanslag. Administratief complex; vereist goede onderbouwing en tijdige vooruit-planning met fiscalist.
Vrijwel altijd bij mkb-bv met holding + werkmaatschappij: verliesverrekening eerste jaren, administratieve eenvoud, intercompany-flexibiliteit. Nadeel hoofdelijke aansprakelijkheid weegt op tegen voordelen, zeker bij familiebedrijven.