Insolventierecht

Bestuurdersaansprakelijkheid

Advocaten en juristen bij aansprakelijkstelling in faillissement

Wordt u als bestuurder aangesproken door een curator of de Belastingdienst? Onze gemengde teams van advocaten en bedrijfsjuristen staan bestuurders bij, van internationaal concern tot de bakker op de hoek, met scherp verweer rond artikel 2:248 BW, de Beklamel-norm en fiscale aansprakelijkheid.

  • Wij werkten o.a. voor:
  • MKBjuristen.nl partner
  • MKBjuristen.nl partner
  • MKBjuristen.nl partner
  • MKBjuristen.nl partner

Wat wij doen

Als bestuurder van een rechtspersoon (BV, NV, Vereniging, Stichting) bestaat in beginsel geen persoonlijke aansprakelijkheid bij faillissement. De wetgever heeft echter een aantal uitzonderingen in de wet opgenomen, waarbij de bestuurder van een rechtspersoon hoofdelijk aansprakelijk is. Indien de bestuurder hoofdelijk aansprakelijk wordt gesteld, betekent dit dat de bestuurder met het gehele privé vermogen voor de voldoening van de schuld aansprakelijk is.

Als bestuurder(s) van een rechtspersoon kan een aansprakelijkheidsstelling plaatsvinden voor alle nog openstaande schulden in faillissement. Indien de curator van mening is dat het bestuur zijn taak ‘kennelijk onbehoorlijk’ heeft vervuld en aannemelijk is dat de ‘onbehoorlijke taakvervulling’ de oorzaak van het faillissement is, kan de curator de vordering instellen tegen het bestuur. Van onbehoorlijke taakvervulling kan bijvoorbeeld sprake zijn als de administratie van de onderneming gebrekkig is. Het is verstandig om bij een aansprakelijkheidsstelling direct juridisch advies in te winnen. Onze advocaten en juristen onderzoeken dan de mogelijkheden.

Vragen omtrent bestuurdersaansprakelijkheid? Neem contact met ons op.

Bestuurdersaansprakelijkheid binnen het insolventierecht

Bestuurdersaansprakelijkheid kent meerdere invalshoeken. Vanuit het Insolventierecht draait het vooral om de positie van de bestuurder rond een dreigend of uitgesproken faillissement: wat de curator mag onderzoeken, wanneer hij het privévermogen kan aanspreken en welke verweren u heeft. Dat is een andere benadering dan de zuiver vennootschapsrechtelijke (governance) invalshoek. Onze gemengde teams van advocaten en bedrijfsjuristen begeleiden zowel het internationale concern als de plaatselijke bakker, en kennen het verschil tussen aansprakelijkheid jegens de boedel, jegens individuele schuldeisers en jegens de fiscus.

Aansprakelijkheid jegens de boedel: artikel 2:248 BW

De belangrijkste insolventiegrond is artikel 2:248 van het Burgerlijk Wetboek (voor de BV; voor de NV geldt het gelijkluidende artikel 2:138 BW). Daarin is bepaald dat iedere bestuurder hoofdelijk aansprakelijk is voor het tekort in het faillissement als het bestuur zijn taak kennelijk onbehoorlijk heeft vervuld en aannemelijk is dat deze onbehoorlijke taakvervulling een belangrijke oorzaak van het faillissement is. Van kennelijk onbehoorlijk bestuur is sprake wanneer geen redelijk denkend bestuurder — onder dezelfde omstandigheden — zo zou hebben gehandeld. Een ongelukkige beslissing of normaal ondernemersrisico levert dus nog geen aansprakelijkheid op; de lat ligt bewust hoog.

Het bewijsvermoeden: boekhoudplicht en publicatieplicht

Artikel 2:248 lid 2 BW geeft de curator een krachtig hulpmiddel. Heeft het bestuur niet voldaan aan de boekhoudplicht van artikel 2:10 BW of de publicatieplicht van artikel 2:394 BW (het tijdig deponeren van de jaarrekening), dan staat daarmee vast dat sprake is van kennelijk onbehoorlijk bestuur. Bovendien wordt vermoed dat dit onbehoorlijke bestuur een belangrijke oorzaak van het faillissement is. Dit vermoeden is weerlegbaar: de bestuurder mag aantonen dat een andere belangrijke oorzaak (bijvoorbeeld een externe schok, wegvallende afnemer of pandemie) tot het faillissement heeft geleid. In de praktijk is dat tegenbewijs lastig en vraagt het om concrete, cijfermatig onderbouwde feiten. Juist daar maken wij het verschil voor onze cliënten.

Aansprakelijkheid jegens individuele schuldeisers: de Beklamel-norm

Naast de aansprakelijkheid jegens de boedel kan een bestuurder ook persoonlijk aansprakelijk zijn jegens een individuele schuldeiser op grond van onrechtmatige daad (artikel 6:162 BW). De bekendste maatstaf is de zogenoemde Beklamel-norm: een bestuurder handelt onrechtmatig als hij namens de vennootschap verplichtingen aangaat terwijl hij weet of redelijkerwijs behoort te weten dat de vennootschap deze niet zal kunnen nakomen en geen verhaal zal bieden. Vereist is dat de bestuurder persoonlijk een voldoende ernstig verwijt kan worden gemaakt, mede bezien tegen de norm van behoorlijke taakvervulling uit artikel 2:9 BW. Ook selectieve betaling (het bij voorkeur betalen van bepaalde — vaak gelieerde — schuldeisers) kan onder omstandigheden onrechtmatig zijn.

Fiscale bestuurdersaansprakelijkheid en melding betalingsonmacht

Voor belastingschulden geldt een eigen regime. Op grond van artikel 36 van de Invorderingswet 1990 kan de Belastingdienst een bestuurder hoofdelijk aansprakelijk stellen voor onder meer onbetaalde loonheffing en omzetbelasting. Cruciaal is de melding betalingsonmacht: zodra de onderneming deze belastingen niet kan betalen, moet het bestuur dit binnen twee weken na de uiterste betaaldatum melden bij de Belastingdienst. Is er tijdig en correct gemeld, dan moet de fiscus bewijzen dat het niet-betalen het gevolg is van kennelijk onbehoorlijk bestuur. Is niet of te laat gemeld, dan keert het bewijsvermoeden zich tegen de bestuurder en wordt aansprakelijkheid in beginsel verondersteld. Het tijdig en juist melden is daarmee een van de eenvoudigste en belangrijkste manieren om persoonlijke aansprakelijkheid te beperken.

De rol van de curator en de driejaarstermijn

In ieder faillissement onderzoekt de curator de oorzaken en doet hij een rechtmatigheids- en causaliteitsonderzoek. Daarbij beoordeelt hij het handelen van het bestuur in de periode van drie jaar voorafgaand aan het faillissement (artikel 2:248 lid 6 BW). Komt hij tot de conclusie dat sprake is van kennelijk onbehoorlijk bestuur, dan kan hij namens de gezamenlijke schuldeisers het bestuur aansprakelijk stellen en zelfs conservatoir beslag leggen op het privévermogen. Wij staan bestuurders bij vanaf het eerste contact met de curator: van het begeleiden van het verhoor en de informatieverstrekking tot het voeren van verweer in een aansprakelijkheidsprocedure.

Verweer en disculpatie

Een aansprakelijkstelling is geen voldongen feit. Een bestuurder kan zich verweren door het bewijsvermoeden te weerleggen, door aan te tonen dat het verwijt onvoldoende ernstig is, of door zich te disculperen op grond van artikel 2:248 lid 3 BW. Disculpatie is mogelijk wanneer de onbehoorlijke taakvervulling niet aan de individuele bestuurder te wijten is én hij niet nalatig is geweest in het treffen van maatregelen om de gevolgen af te wenden — bijzonder relevant bij een meerhoofdig bestuur met een taakverdeling. Ook de driejaarstermijn, de onderbouwing van de causaliteit en de hoogte van het boedeltekort bieden vaak aanknopingspunten voor verweer. Onze advocaten en juristen beoordelen per situatie welke route — verweer, schikking of procedure — het meeste oplevert, of u nu een groot concern of een eenpersoons-BV bestuurt.

Onze aanpak: van preventie tot procedure

Voorkomen is beter dan genezen. Wij adviseren bestuurders preventief over hun administratie- en publicatieplichten, over het tijdig melden van betalingsonmacht en over verantwoord handelen in zwaar weer — bijvoorbeeld in combinatie met surseance van betaling of een schuldeisersakkoord. Komt het toch tot een aansprakelijkstelling, dan voeren wij doortastend verweer tegen curator of Belastingdienst. Door advocaten en bedrijfsjuristen te combineren bieden wij zowel juridische slagkracht in de rechtszaal als praktische advisering aan de bestuurstafel.

Veelgestelde vragen over bestuurdersaansprakelijkheid

Ben ik als bestuurder automatisch aansprakelijk als mijn BV failliet gaat? Nee. Het uitgangspunt is dat een rechtspersoon zelf aansprakelijk is. Pas bij kennelijk onbehoorlijk bestuur dat een belangrijke oorzaak is van het faillissement, of bij de andere wettelijke uitzonderingen, kan de bestuurder persoonlijk worden aangesproken.

Wat moet ik doen als mijn onderneming de belasting niet meer kan betalen? Meld de betalingsonmacht binnen twee weken na de uiterste betaaldatum bij de Belastingdienst (artikel 36 Invorderingswet 1990). Een tijdige melding verschuift de bewijslast naar de fiscus en beperkt uw risico aanzienlijk.

Kan ik me verweren tegen het bewijsvermoeden van artikel 2:248 lid 2 BW? Ja. U kunt aantonen dat een andere belangrijke oorzaak tot het faillissement heeft geleid, of u disculperen op grond van artikel 2:248 lid 3 BW. Dit vraagt om een concrete, cijfermatige onderbouwing; laat u hierin tijdig bijstaan.

mr. Jaime Boogaers
mr. Jaime Boogaers
Ondernemingsrecht · Advocaat

Bij specialistische juridische dossiers gaat het niet alleen om de juridische regel. Het gaat ook om bewijs, timing, onderhandelingspositie en de zakelijke gevolgen van iedere stap.

Hoe wij u helpen

Wij begeleiden bestuurders in elke fase, preventief en in procedures.

  • Verweer tegen aansprakelijkstelling door de curator
  • Verweer tegen fiscale aansprakelijkheid (artikel 36 Invorderingswet)
  • Begeleiding bij het verhoor en de informatieverstrekking aan de curator
  • Preventief advies over administratie-, publicatie- en meldingsplichten
  • Schikkingsonderhandelingen en procesvoering

Wat staat er op het spel

Bij hoofdelijke aansprakelijkheid wordt u met uw volledige privévermogen aangesproken voor het boedeltekort. De curator beoordeelt het bestuur over de drie jaar vóór het faillissement en kan beslag leggen op privébezittingen. Tijdig en juist handelen beperkt dit risico aanzienlijk.

  • Hoofdelijke aansprakelijkheid voor het volledige boedeltekort
  • Bewijsvermoeden bij gebrekkige administratie of te late jaarrekening
  • Persoonlijke aansprakelijkheid voor onbetaalde loon- en omzetbelasting
  • Beslag op het privévermogen door de curator

Onze strategie

Wij beoordelen per situatie of verweer, schikking of procedure het meeste oplevert. We weerleggen waar mogelijk het bewijsvermoeden, onderbouwen disculpatie en toetsen de causaliteit en de hoogte van het tekort. Door advocaten en bedrijfsjuristen te combineren bieden wij juridische slagkracht in de rechtszaal en praktisch advies aan de bestuurstafel.

Zo pakken wij het aan

Een helder traject van eerste contact tot afronding.

01

Intake en eerste beoordeling

Wij bespreken kort wat er speelt, welke stukken beschikbaar zijn en welk belang voor u centraal staat.

02

Analyse van positie en risico’s

Wij beoordelen uw juridische positie, bewijsstukken, termijnen en de mogelijke vervolgstappen.

03

Strategisch advies

U krijgt concreet advies over de beste route: reageren, onderhandelen, schikken of procederen.

04

Uitvoering

Wij helpen met correspondentie, onderhandeling, processtrategie of verdere juridische bijstand.

Specialisten voor ondernemers

Wij combineren juridische analyse met praktische ervaring in dossiers voor ondernemers, bestuurders en organisaties.

Ons team van bedrijfsjuristen en advocaten binnen het insolventie- en herstructureringsteam zijn specialisten. Wij begeleiden zowel organisaties, aandeelhouders, bestuurders en schuldeisers bij juridische vraagstukken binnen een insolventie- of herstructureringstraject. Wij hebben ruime ervaring aan de onderhandeltafel, zijn doortastend en kunnen goede inschattingen maken van kansen en risico’s. Wij begrijpen zowel de juridische wereld als het bedrijfsleven en zijn daardoor goed in staat te schakelen. Heldere en begrijpelijke taal staat daarbij voorop.

Veelgestelde vragen

Antwoorden op vragen die bestuurders ons het vaakst stellen.

Wanneer is juridisch advies verstandig?

Juridisch advies is verstandig zodra er druk ontstaat, termijnen lopen, een wederpartij een standpunt inneemt of wanneer de financiële of strategische belangen groot zijn.

Kan MKB Juristen ook helpen als er al een conflict is?

Ja. Wij beoordelen uw rechtspositie, adviseren over de strategie en kunnen helpen met correspondentie, onderhandeling, verweer of verdere juridische stappen.

Wat kost specialistisch juridisch advies?

Specialistisch advies wordt in beginsel op uurbasis verricht. Waar mogelijk geven wij vooraf duidelijkheid over de verwachte aanpak, kosten en vervolgstappen.

Kan ik eerst vrijblijvend overleggen?

Ja. U kunt een gratis adviesgesprek aanvragen. Wij bespreken kort uw situatie en geven aan welke route waarschijnlijk verstandig is.

Aangesproken als bestuurder? Wacht niet af.

Neem direct contact op met onze advocaten en juristen. Hoe eerder wij meekijken, hoe meer mogelijkheden er zijn voor verweer.

Neem contact op

Neem contact op

Laat uw gegevens achter. Wij nemen contact met u op om uw situatie kort te bespreken.

Neem contact op

Jaime Boogaers

Meer weten over onze dienstverlening?
Neem dan contact op met onze specialisten.

Nieuwsbrief voor ondernemers

Ontvang praktische juridische tips in uw mailbox

Schrijf u direct in

Vul uw e-mailadres in en ontvang onze nieuwsbrief.

Geen spam. Alleen juridische tips.
Door u in te schrijven gaat u akkoord met onze privacyverklaring.
MKB Juristen bij KVK Bron: KVK 2019
Gratis adviesgesprek